Gekkenschemer / Het stierenoffer / De keisnijder van Fichtenwlad
2002-02-28
€ 49,99Uitgebreide beschrijving
Over dit boek
Louis Ferron is vanaf het begin van zijn schrijverschap gefascineerd geweest door de Duitse cultuurgeschiedenis van het fin du siècle. tegen dit decor schildert hij, in een afwisselend laconieke en barokke stijl, de diep in de mens gelegen wortels van het kwaad, de hang naar het decadente, en de drijfveren tot oorlogsvoering. Zijn eerste romans, Gekkenschemer (1974), Het stierenoffer (1975) en De keisnijder van Fichtenwald (1977) vormen tezamen een trilogie waarin Ferron op een fabuleuze manier de grandeur en misère van het Duitse rijk belicht.
‘Dat ik mijn zwarte uniform had moeten verwisselen voor een gestreept, ach, dat was waarachtig het grootste verschil niet.’
| Editie | 1 |
|---|---|
| Type | paperback |
| Aantal pagina's | 576 |
| Verschijningsdatum | 2002-02-28 |
| Taal | Nederlands |
| Auteur | Louis Ferron |
Over de auteur
Louis Ferron
Louis Ferron (1942-2005) was prozaïst, toneelschrijver en dichter. Nadat zijn Duitse vader kort voor het einde van de Tweede Wereldoorlog voor dienstplicht was opgeroepen en sneuvelde, verhuisde hij als pleegkind van zijn vaders wettige echtgenote naar Bremen. Na de bevrijding kwam hij terug naar Nederland, waar hij door zijn grootouders van moeders kant werd opgevangen. Een jeugd van kostscholen, internaten en pleeggezinnen volgde. Na het behalen van het zijn schooldiploma besloot Ferron zich aan de schilderkunst te wijden en voorzag met tientallen baantjes in zijn onderhoud. Inmiddels verschenen ook zijn eerste gedichten in literaire tijdschriften.
Als achttienjarige huwde hij met een dochter van de schrijfster Lizzy Sara May die hem door haar stimulerende invloed definitief voor het schrijven deed kiezen. In 1967 verscheen zijn eerste gedichtenbundel, Zeg nu zelf, is dit ontroerend? en in 1974 debuteerde hij als romancier met Gekkenschemer. In de jaren die daarop volgenden groeide zijn oeuvre gestaag: romans, verhalen, essays, vertalingen en toneel. Een hoogtepunt vormt de trilogie die naast Gekkenschemer bestaat uit Het stierenoffer (1975) en De keisnijder van Fichtenwald (1976). Deze drie eigenzinnige en veelgeprezen boeken, die de grandeur en misère van het Duitse rijk als thema hebben, werden in 2002 in één uitgave gebundeld.
Met De ballade van de beul (1980), een roman over de 'grote Amerikaanse droom', verliet Ferron voor het eerst het onderwerp van de Westeuropese cultuurgeschiedenis. Fascinatie voor de Duitse geschiedenis blijft echter zijn omvangrijke oeuvre bepalen en, steeds onverhulder, de worsteling met zijn afkomst. In 1990 kreeg hij de AKO Literatuur Prijs voor zijn roman Karelische nachten, in 2001 werd hem voor zijn gehele oeuvre de Constantijn Huygensprijs toegekend.
Tot zijn laatste werken behoren onder meer de romans Het overspelige gras (2002), Werken van barmhartigheid (2003) en het libretto Hoe Mozart Casanova sloeg (een voorstelling van Orkater, 2004). In augustus 2005 verschijnt zijn laatste roman, Niemandsbruid, het gefictionaliseerde levensverhaal van de zuster van Arthur Schopenhauer.
Over de laatste levensdagen van Louis Ferron schreef zijn vrouw Lilian Blom het boek De tuinkamer (2006).
Bekijk auteur
Als achttienjarige huwde hij met een dochter van de schrijfster Lizzy Sara May die hem door haar stimulerende invloed definitief voor het schrijven deed kiezen. In 1967 verscheen zijn eerste gedichtenbundel, Zeg nu zelf, is dit ontroerend? en in 1974 debuteerde hij als romancier met Gekkenschemer. In de jaren die daarop volgenden groeide zijn oeuvre gestaag: romans, verhalen, essays, vertalingen en toneel. Een hoogtepunt vormt de trilogie die naast Gekkenschemer bestaat uit Het stierenoffer (1975) en De keisnijder van Fichtenwald (1976). Deze drie eigenzinnige en veelgeprezen boeken, die de grandeur en misère van het Duitse rijk als thema hebben, werden in 2002 in één uitgave gebundeld.
Met De ballade van de beul (1980), een roman over de 'grote Amerikaanse droom', verliet Ferron voor het eerst het onderwerp van de Westeuropese cultuurgeschiedenis. Fascinatie voor de Duitse geschiedenis blijft echter zijn omvangrijke oeuvre bepalen en, steeds onverhulder, de worsteling met zijn afkomst. In 1990 kreeg hij de AKO Literatuur Prijs voor zijn roman Karelische nachten, in 2001 werd hem voor zijn gehele oeuvre de Constantijn Huygensprijs toegekend.
Tot zijn laatste werken behoren onder meer de romans Het overspelige gras (2002), Werken van barmhartigheid (2003) en het libretto Hoe Mozart Casanova sloeg (een voorstelling van Orkater, 2004). In augustus 2005 verschijnt zijn laatste roman, Niemandsbruid, het gefictionaliseerde levensverhaal van de zuster van Arthur Schopenhauer.
Over de laatste levensdagen van Louis Ferron schreef zijn vrouw Lilian Blom het boek De tuinkamer (2006).
Nieuws
27 februari 2026
Annet Mooij schrijft biografie Jan Cremer
Schrijfster en zelfstandig onderzoeker Annet Mooij is de biograaf van Jan Cremer. Mooij zal met haar kenmerkende gevoel en oog voor detail het veelbewogen en fascinerende leven van Jan Cremer reconstrueren en doorgronden. De Bezige Bij is voornemens de biografie in 2031 te publiceren. Jan Cremer (1940-2024) inspireerde, provoceerde en verlegde grenzen. Cremer werd met […]
27 februari 2026
J’accuse verschijnt 2 december!
Veertig Nederlandse, Vlaamse én internationale schrijvers spreken zich in dit boek uit tegen het uitwissen van de Palestijnen. Omdat stil blijven geen optie is. Omdat woorden, ondanks alles, het enige zijn waarmee we kunnen duiden, bewaren, aanklagen en tot actie bewegen. Toen de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken concludeerde dat Nederland te […]
27 februari 2026
Voorjaarsbrochure 2026
Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit, sed do eiusmod tempor incididunt ut labore et dolore magna aliqua. Ut enim ad minim veniam, quis nostrud exercitation ullamco laboris nisi ut aliquip ex ea commodo consequat. Duis aute irure dolor in reprehenderit in voluptate velit esse cillum dolore eu fugiat nulla pariatur. Excepteur sint occaecat […]